Kamperen in Oost Polen

Een ongeslepen groene diamant

Polen is niet het eerste land dat in je opkomt als je een bestemming voor een kampeervakantie zoekt. Maar wat is het soms heerlijk om over je eigen horizon te stappen. Vooral natuurliefhebbers kunnen hun hart ophalen in gastvrij Oost-Polen. Redacteur Paul Cnossen en fotograaf Jacco van de Kuilen reisden vanaf Lublin naar uitgestrekte oerbossen en mysterieuze meren

Respect voor generaties

Vooral op het platteland zie je opvallend veel jonge moeders. De sterke invloed van de oppermachtige en zeer conservatieve kerken zal hierbij zeker een rol spelen. Maar de Polen denken niet alleen aan nieuwe generaties. Ook de voorvaderen vergeten ze niet. De doden leggen zij te rusten op begraafplaatsen die als erevelden langs de weg liggen. Zonder uitzondering zijn de graven piekfijn verzorgd, vaak versierd met enorme bossen (kunst)bloemen.

Oerbos en letterzetters

In zuidoost Polen is een groot oerbos te vinden. Het wordt een oerbos

De bossen in Oost Polen

genoemd omdat de mens er zijn sporen niet heeft achtergelaten. In het bos is een beestje te vinden, de letterzetter, die bomen aanvreet door zich erin vast te nestelen. Er zijn al enige tijd problemen omring dit oerbos, aangezien de overheid is begonnen met het kappen ervan om de verspreiding van dit beestje tegen te gaan. Tegenstanders zien de kap als machtsvertoon van de president, die in hun ogen economisch belang vóór natuur laat gaan.

De wegen en navigatie

Lublin bereik je eenvoudig via Warschau. Het grappige is dat wanneer je bij Amsterdam de A1, die in Europees verband de E30 heet, oprijdt je 1.500 km lang in principe geen afslag meer hoeft te nemen om aan de Poolse oostgrens te komen. Houd er wel rekening mee dat Polen in rap tempo de infrastructuur op orde brengt, waardoor er veel wegwerkzaamheden zijn.

De secundaire wegen in Polen zijn over het algemeen in goede staat, B-wegen kunnen nog wel van bedenkelijke kwaliteit of onverhard zijn. Opvallend is dat zelfs in de verste uithoeken gps-apparatuur en mobiel internet prima werken. Uiteraard is desondanks een kaart aan boord geen overbodige luxe, vooral omdat je je goed moet voorbereiden op de plaatsnamen. Het Poolse alfabet heeft enkele andere karakters dan het onze.

Onze route verbindt twee totaal verschillende maar o zo prachtige gebieden. Het zuidelijke deel is beroemd vanwege de enorme uitgestrekte bossen, begeven met interessante dorpen en steden,naar het noordoosten toe komen we in meer toeristisch gebied: de Mazurische meren.

De eerste etappes lopen parallel aan de rivier de Boeg. Een waterweg die hier en daar niet groter is dan onze eigen Vecht, maar wel met een enorme ecologische waarde. Als onderdeel van het voormalige IJzeren Gordijn heeft de natuur hier decennialang zijn gang kunnen gaan met een enorme biodiversiteit tot gevolg. Nog steeds is de Boeg een belangrijk strategisch punt. Het is de oostgrens van de Europese Unie. Bij Terespol proberen we een glimp op te vangen van de Wit-Russische stad Brest, maar de dichte bossen en massieve grensovergangen beletten dat.

Oerbossen en bizons

Dat het Sovjetverleden een zegen voor de natuur is geweest, bewijst ook de aanwezigheid van de oerbossen in deze regio. Met een gids gaan we bij Bialowieza de wouden in, urenlang kan hij ons daar rondleiden en vertellen over de enorme biodiversiteit. Het is een sinistere omgeving, die vogelaars, wildspotters en plantologen in een andere dimensie brengt. Alleen al van de specht fladderen er hier tientallen soorten van boom tot boom, orchideeën, mossen en bijzondere grassoorten hebben hier alle ruimte om te groeien en bloeien. Een goede verrekijker en een sterke loep zijn zeker aan te raden! Ondanks de hitte van de dag dragen we kleding die onze lichamen bedekken. De horzels die geboren worden in de waterpoeltjes zijn van enorme omvang en hun steken zijn pijnlijk.

Het gebied rond Bialowieza staat ook bekend om de wilde bizons die er leven. Ondanks hun imposante omvang spotten we ze niet, het bezoekerscentrum houdt wel een kudde in gevangenschap. Het is prachtig om te zien hoe de harige runderen grote stofwolken opwerpen terwijl ze schurend over de grond hun leren huid ontdoen van parasieten.

Fabel toch werkelijkheid

Via Białystok en Pisz zetten we koers naar het Mazurische Merengebied, in het noordoosten. De dorpen die we naar het noorden doorkruizen lijken op Franse plattelands gehuchten. Op één fundamenteel onderdeel verschillen ze echter. Jazeker, je ziet er de kromme oma’s met jasschorten, maar ook opvallend veel (jonge) vrouwen achter de kinderwagen. Met in het achterhoofd dat in Polen eenderde van de wereldpopulatie ooievaars woont, zou je haast in een oude fabel gaan geloven…

Het is een lange rit en pas als het donker is bereiken we de camping bij het dorpje Jabłoń bij Pisz. Met piepende hartkleppen. Kennelijk uit wraak omdat we ’s middags een soortgenoot hebben opgepeuzeld springt een wild zwijn uit het niets de weg op. De motorrijder voor ons kan ‘m nog net ontwijken, iedereen komt met de schrik vrij.

Mijmeren

De volgende ochtend gaan we met een kajak de Krutynia op. Vanuit het

Naast alle natuur zijn er gezellige steden voor een lekker en goedkoop etentje

plaatsje Krutyn brengt de verhuurder je rustig peddelend over de rivier naar de plek waar we weer worden opgehaald. Een ideale manier om van de prachtige omgeving rondom de kronkelige rivier te genieten.

Het Mazurische merengebied, dat even noordelijker echt begint, is een aaneenschakeling van heuvels met in de dalen uitgestrekte meren. Vissen, kajakken of gewoon heerlijk mijmeren aan de waterkant: het is er machtig mooi. Statige hotels, vroeger de vakantieoorden voor partijbonzen, staan bovenaan kliffen, op de weitjes aan de oevers spotten we nog regelmatig eenPredommetjevan recreërende stedelingen. Een aanrader is het meer Łuknajno, een Unesco-natuurgebied waar wilde zwanen leven.

Vreemde eenden in de bijt van al deze overdonderende natuur zijn de stadjes Mikołajki en Giżycko. De mondaine haventjes liggen vol met prachtige jachten, mooi uitgedoste mensen flaneren over de boulevards. Het fijne is, dat je hier net als in de rest van Polen voor een habbekrats een vorstelijk maal eet. Dit is la dolce vita op zijn Pools, met in beide plaatsen een leuke camping op steenworp afstand. Terwijl de zon wegzakt in het meer aan zeggen we met een drankje in de hand ‘Na zdrowie, proost op Polen!’

Polen als graanschuur

Door dichte bebossing biedt de vrije natuur in Oost-Polen geen panoramische vergezichten. Dat is wel anders bij de graanvelden in het glooiende landschap. Tijdens ons bezoek begint het graan al goudgeel te kleuren, een prachtig gezicht. Sommige akkers zijn tientallen kilometers lang en minstens even diep. Met een areaal van 8 miljoen hectare is Pools graan een belangrijk exportproduct. Dit neemt nog toe: de overheid heeft het plan dat de grond die vrijkomt na de kap van aangetast bos om te vormen tot akkergrond. Polen moet het vooral hebben van de maakindustrie (meubels en technische onderdelen) en grondstoffen, zoals graan en koper. De internationale dienstensector in Polen is bescheiden, een nare erfenis van het wegvallen van de intelligentsia tijdens verschillende overheersingen.